MISTGORDIJN ROND TERUGKEER
RADIO CAROLINE
In
de nacht van 6 op 7 februari 2007 overleed Tom de Munck op 59-jarige
leeftijd. Tom was in de periode 1979 tot en met 1989 onder zijn eigen
naam werkzaam voor het Freewave Media Magazine terwijl hij van begin
1981 ook voor het Free Radio Magazine schreef onder de naam John
Wendale. Hij haalde vele mysterische zaken met betrekking tot de Radio
Caroline organisatie naar boven en gezamenlijk besloten we in 1984 een
aantal van zijn en mijn ontdekkingen te bundelen in een aantal verhalen,
dat zou verschijnen in het boek ’20 jaar Caroline’. Als ode aan Tom de
Munck heb ik besloten een deel van deze verhalen te bewerken en datgene
te brengen wat we tussen medio 1980 en het compleet ontdekken van de
technische gegevens van het toekomstige zendschip, de Ross Revenge, zoal
hadden ontdekt.
Tom de Munck en Hans Knot. © Freewave Media Magazine 1980/1982, bewerkte
versie 2007.
Nadat de MV Mi Amigo, het zendschip van Radio
Caroline, in maart 1980 was gezonken, bleek ‘eigenaar’ Ronan
O’Rahilly meer dan 5 maanden lang van de kaart. 'It really flipped
me out', gaf hij in oktober 1983 te kennen, ruim twee maanden nadat
Radio Caroline voor de derde keer was gelanceerd. 'Natuurlijk kon je het
wel ergens verwachten, maar toch raar als het zinken van het zendschip
dan plotseling gebeurt, ben je toch nog verrast.', verklaarde de grijze
slanke ler, die zich qua uiterlijk had aangepast aan de identiteit, die
het station ook had gekregen: modern, maar niet zo wild meer. Zijn haar
was drastisch ingekort en ook zijn baard en snor waren verdwenen. Maar,
achter dit jonge schijnbaar zorgeloze uiterlijk school een vermoeide
maar nog steeds fanatieke en stimulerende regelaar. ‘Toen de lady was
gezonken heb ik een tijd lopen dubben om er maar helemaal mee op te
houden. Wat zal ik nu al die zorgen weer naar me toe halen, dacht ik
toen. Ik heb een rottijd doorgemaakt, maar toen het ergste was weggeëbd
ben ik toch onmiddellijk weer aan de nieuwe Caroline gaan denken. Het
zou jammer geweest zijn als ik al die kennis en ervaring zou hebben
weggegooid. Met leek eerst een waanzinnige droom. Een nieuw schip leek
mijlen ver weg'. O'Rahilly kijkt liever niet terug. Vanuit zijn
standpunt gezien is dit misschien wel verklaarbaar. Tegen een journalist
had hij bij de lancering van de Ross Revenge gezegd:
'Ben
jij bijgelovig' 'Nee', had de journalist hem geantwoord. Waarop Ronan
zei: 'Als je had meegemaakt wat ik de laatste drie jaren heb meegemaakt,
dan was je dat zeker geworden en had je God op je knieën gedankt dat je
er nog was.'
Het leek allemaal zo voor de wind te gaan,
nadat Ronan de eerste stappen ondernam om weer op nieuw te beginnen. Het
eerste wat hij deed, was opnieuw contact zoeken met de scheepstechnici,
die in de 70'er jaren de Mi Amigo ook drijvende hadden weten te houden.
Deze twee, Koos en Leunis, hadden met twee maten een schip, waarmee ze
hun brood verdienden. Het was een vrachtscheepje, dat zij gevieren
hadden gekocht. Na wat speurwerk was Ronan er achter gekomen dat ze met
hun schuit in de haven van Malta lager, waar hij hen opzocht. Eerst
stelde Ronan voor om het schuitje te gebruiken als zendschip, maar ze
wilden daar niet van weten. Zij zouden hun, met moeite opgebouwde,
business van de ene op de andere dag aan alle risico's, die een
zendschip kan lopen, blootstellen. In ieder geval zagen ze wel iets in
Ronan's plannen voor een nieuwe Caroline en ook waren ze bereid om het
schuitje eventueel als tender in te zetten. Maar er moest wel worden
betaald, had Koos aan Ronan te verstaan gegeven. De ler had hen
uitgelegd dat geld deze keer geen probleem zou zijn, omdat er
Amerikaanse financiers zouden komen. 'We hebben hier en daar al een
visje uitgegooid in financiële kringen in de States en van verschillende
kanten is al ruime belangstelling getoond', had Ronan hen verteld. En
Radio Caroline zou worden opgezet, met Amerikaanse financiers, een
kantoor in New York en met Amerikaanse adverteerders. Op die manier
konden er geen problemen ontstaan met betrekking tot de MOA en was er
geen enkele binding met Europa. We] moest Radio Caroline het Rockstation
van Europa worden. O'Rahilly wilde een groot schip hebben, waarop een
hoge mast van 90 meter kon staan en zei dat hij graag zou zien dat Koos
en Leunis zo'n schip zouden gaan zoeken en het verder helemaal zouden
gaan uitrusten. Toen Ronan in het vliegtuig, naar Londen, zat, spraken
Koos en Leunis met elkaar af geen stap voor de Carolineorganisatie te
zetten, voordat er geld was. De 70'er jaren hadden hen geleerd
voorzichtiger te zijn.
In het najaar van 1980 stapten twee mannen bij
Ronan binnen, die hem een aantrekkelijk voorstel deden. Het waren
Vincent Monsey en Anthony Kramer. Ze vertelden O'Rahilly al in een
vergevorderd stadium te zijn met een zeezender. Omdat zij hadden gehoord
dat Ronan, net als zij, het project geheel op Amerikaanse leest wilde
schoeien, leek het hen nuttig eens met
Ronan
te praten om te bezien of er wellicht tot samenwerking was te komen. Als
Ronan de pers goed had gevolgd had hij kunnen weten dat dit project van
Monsey en Kramer al diverse keren was aangekondigd onder de naam Radio
Amanda. Al in augustus 1980 werd aangekondigd dat Radio Amanda spoedig
met testuitzendingen zou starten.In de maand december maakte de Britse
pers melding van een vertraging omdat, zo haalden de Amandamensen aan,
tijdens de testuitzendingen de generatoren steeds vastliepen door
oververhitting. Als het probleem met het koelsysteem zou zijn opgelost
zou Radio Amanda spoedig in de lucht komen. Een dergelijke klinkklare
leugen was de eerste uit een reeks, die Monsey zou produceren, maar dan
met betrekking tot Radio Caroline. In de besprekingen tussen O'Rahilly, Monsey en Kramer stuurde de Ier het er op aan dat de naam Amanda zou
worden vergeten en dat het Radio Caroline zou worden. Aanvankelijk
stribbelden Kramer en Monsey tegen, maar uiteindelijk stemden ze toe.
Gedrieën maakten zij plannen om het project te starten. Het grootste
probleem bleek de financiering te zijn, want ondanks alle mooie verhalen
van Monsey, was er uiteindelijk nog maar weinig geld beschikbaar.
Intussen begonnen we steeds meer lucht te
krijgen van alle pogingen tot 'herstart' van het Caroline project, de
meest uiteenlopende verhalen werden er gepubliceerd. De geciteerde
geruchten liepen uiteen van Carolinemedewerkers tot insiders. Zo werd er
gesproken over een 51 meter lange schuit met de naam: 'My Young America’
die in de haven van Greenore, in Ierland, zou worden uitgerust. Alle
studioapparatuur zou al aan boord zijn. Alleen een mast ontbrak nog.
Maar in dit bericht, van Herbert Visser in Offshore Echoes, werd gezegd
dat dit maar met opzet verspreide geruchten zouden zijn om de aandacht
af te leiden van het echte Carolineschip. Herbert dacht er helemaal
achter te zijn gekomen: ‘De John Stone', dat zou het schip zijn, twee
keer zo groot als de Mi Amigo en zou 70 mensen kunnen herbergen. De
zendmast zou 75 meter hoog worden. Op een frequentie tussen de 459 en de
559 meter zou met een 50 kW zender worden uitgezonden.
In
het Engelse blad Broadcast, van 1 december 1980, bleek welk spelletje
het trio Monsey, Kramer en O'Rahilly speelden om de zo dringend nodige
dollars op tafel te krijgen. Zij gaven de pers de indruk dat het project
al in een vergevorderd stadium zou verkeren en hoopten hierdoor bij
potentiële financiers, in de USA, een goed binnenkomertje te hebben.
Hier volgen enige fragmenten uit het artikel: ‘Op dit moment heeft het
reclameverkoopbureau op Madison Avenue in New York al meer dan zes
minuten per uur aan reclamezendtijd verkocht. In totaal al voor 14 uur
per et maal en drie maanden vooraf gecontracteerd. Het schip is twee
maal zo groot als de Mi Amigo en is geregistreerd in Panama. Er wordt
van gezegd dat het een verbouwde coaster is met een mast van 75 meter en
het station zal gaan uitzenden tussen de 459 en de 559 meter.' In het
artikel werd ook Monsey's beweerde ervaring met de zeezenders genoemd en
klakkeloos voor waarheid aangenomen, zonder dit te controleren. Hij werd
genoemd als een belangrijke medewerker van Radio England, Britain Radio
en RNI. Helaas voor Monsey kende niemand, die werkelijk betrokken was
bij de genoemde projecten, zijn naam. Henk Langerak van het Algemeen
Dagblad schreef op 18 juni 1980: 'Het verste met nieuwe plannen lijkt
Radio Caroline te zijn. Er zou een 80 meter lang oud marine schip in
Amerika zijn ingericht. Dit schip, dat ruimte heeft voor 80
bemanningsleden en voor een half jaar olie aan boord kan nemen, zou op
weg zijn naar een ligplaats op de Noordzee. De ondermening is voor 40%
gefinancierd door Pierce Communications, een bureau in New York, dat
bemiddelde voor de tientallen kerkgemeenschappen, die zendtijd hadden op
het oude Caroline schip.' Tragisch genoeg ging het Algemeen Dagblad in
op het optreden van een internationale artiest, die een drie uur durend
openingsprogramma zou gaan presenteren wanneer Caroline weer voor het
eerst de zenders op de Noordzee zou aanzetten. Op die 18e juni kon ook
Henk Langerak niet vermoeden dat die artiest een half :aar later zou
worden
vermoord. Het ging om John Lennon, die op 8 december 1980 werd vermoord.
In september 1980 plaatste het blad Kappa een
interview met een directielid van Radio Caroline.Er werd gesproken over
een geplande start tijdens het Paasweekend1981. Tijdens het gesprek
werden er foto's getoond, die nooit zijn gepubliceerd, van het
toekomstige zendschip. Duidelijk was op die foto's te zien dat het een
veel groter schip betrof dan de Mi Amigo. Wij vermoeden dat het om de
serie foto’s ging die ons in begin 1981 ooit ook onder ogen kwamen. Het
was een oud marineschip, ergens aan een kade gefotografeerd.
Vermoedelijk was dit de 'John Stone', waarover in diverse
perspublicaties werd geschreven. Wel weten wij dat het dit schip nooit
is geworden. Omdat niemand, die begin 1981 betrokken was bij de
terugkeer van Caroline, precies op de hoogte werd gebracht van de
werkelijke gang van zaken, is het moeilijk hard te maken dat de foto's
puur als lokker zijn gebruikt ten behoeve van de werving van
adverteerders en financiers. Een ding staat als een paal boven water:
een Nederlander, die al jaren op de achtergrond, en zonder in de
publiciteit te willen komen, commerciële zaken had geregeld voor
Caroline, was ook in het bezit van zo'n set foto's. Deze Nederlander,
Smit genaamd, stond al jaren lang in nauw contact met Ronan.
Hoofdzakelijk had hij zich bezig gehouden met de verkoop van
reclamezendtijd voor het station in België en Nederland. Ook hij was
eerst betrokken bij de derde komst van Radio Caroline. Het feit dat Smit
in het bezit was van de foto's geeft aanleiding om inderdaad aan te
nemen dat adverteerders en financiers destijds op deze manier zijn
bewerkt.
De Carolineorganisatie bezat in feite nog geen
stuurwiel of zendkristal. In 1980, toen direct na het zinken van de Mi
Amigo, in de pers bekend werd gemaakt dat Radio Caroline spoedig weer
terug zou komen, werd steeds de naam van O'Rahilly genoemd. Hij was
opnieuw de grote man, die 'de lady' nieuw leven in zou blazen. Nadat
echter Monsey en Kramer in het spel kwamen, verdween Ronan naar de
achtergrond. Monsey en Kramer waren nu opeens de grote geldschieters).
Aanvankelijk werden zij door de diverse tijdschriften en kranten voor
Amerikanen aangezien, die het project een financiële injectie hadden
gegeven. De werkelijkheid was totaal anders. Vincent was een 'salesman'
voordat hij met de Carolineorganisatie in contact kwam. Hoewel hij zich
bij Caroline en bij iedereen, die het maar horen wilde, had verkocht als
voormalig deejay, promotieman en directielid van de eerder genoemde
stations, was zijn naam nergens terug te vinden. Niemand kon de beide
heren herinneren, zelfs niet ene Paul Collins, zoals Monsey zich ook wel
noemde. Beiden kenden elkaar van hun handelsactiviteiten. Anthony was
directeur van een handelsonderneming met de naam: Consort Enterprises
Ltd., met een vestiging in Brookstreet te Londen en een kantoor in het
Duitse Bernkastel. Hij handelde in alles wat los en vast zat en maakte
niet zo'n professionele indruk. In maart 1981had Barbara Lippert,
journaliste van het Bilboard Magazine, een interview met Monsey. In het
verhaal was ondermeer te lezen:'De geschiedenis van een Brits
piratenstation met de naam Caroline, is zeker de moeite waard er een
script voor een operette over te schrijven. De wedergeboorte van
Caroline, 13 maanden na de zinkpartij van de Mi Amigo, is gepland op 19
april. Dit keer drijft het station op een investering van $2,5 miljoen
door Ronan O'Rahilly, de grondlegger, en door Vincent Monsey en Anthony
Kramer. Zij kochten een 1000 ton zwaar vracht schip, dat in Panama is
geregistreerd. De Radio Buccaneers verwachten na twee maanden van
uitzendingen reeds 8 miljoen luisteraars te hebben. Monsey en Kramer,
met een kantoor aan de Madison Avenue in New York, hebben Major Market
Radio Sales benadert, die ook veel reclamezendtijd verkoopt voor
Amerikaanse stations, om de reclameverkoop voor Caroline te gaan runnen.
Geen enkel Amerikaans reclameverkoopbureau heeft ooit eerder zendtijd
verkocht voor de zeezenders, maar Warner Rush, president van Major
Market, noemde deze stap 'a real kick'. Volgens Roy Lindau, vice
president, wordt er,na een jaar van uitzendingen een omzet verwacht van
$10 miljoen. Lindau voegde daar aan toe, dat Caroline de potentie heeft
om de grootste commerciële radiozender ter wereld te worden. Major
Market mikt op internationale adverteerders, die nu ook gebruik maken
van het medium radio in Amerika, maar nog niet in Engeland.', aldus het
artikel in Billboard Magazine. Toen Anthony Kramer werd gevraagd of het
niet moeilijk zou zijn om
spots
te verkopen voor een illegaal station antwoordde hij: 'Geen probleem,
iedereen wil een piraat zijn!
Even naar een voormalige Carolinemedewerker,
Robb Eden. Aanvankelijk leek het erop alsof hij een belangrijke rol zou
gaan spelen bij 'The New Caroline'. Zo kwam er in het najaar van 1980 in
het nieuws dat Eden grote plannen zou hebben om de Mi Amigo boven water
te laten halen, het schip op te knappen en er een zeezendermuseum van te
maken. Via zijn Caroline roadshow liet hij dit bekend maken, Het schip
zou gelicht worden en naar Ramsgate worden gebracht om daar
gerestaureerd te worden. In zijn Roadshow Bulletin stond ondermeer: 'Als
je er net zo over denkt als wij, dat de Mi Amigo het verdient om te
worden gered, dan zal een gift gaarne worden ontvangen door 'Save The Mi
Amigo Appeal', B.C.M. Box 1962 London.' Een banknummer volgde en
vervolgens werd gesteld dat, zou de poging falen, het bedrag zou worden
overgemaakt naar de Royal National Lifeboat Institute, de
reddingsorganisatie die de bemanning van de gestrande Mi Amigo had gered.
lederen, die het las en maar enigszins bekend was met de
Carolinegeschiedenis,dacht in eerste instantie dat de museumplannen te
vergelijken waren met die van Gerard van Dam, die in 1972,onder dit mom
het zendschip onder de slopershamer redde in opdracht van Ronan.De grote
animator achter de Mi Amigoredding van 1980 was Burch. Pas veel later
zou hij genoodzaakt zijn naïeve gedachten te verwisselen voor een harde
realiteit betreffende de 'edele' plannen van Robb Eden. In die dagen had
de Roadshow niet te klagen, overal had men volle zalen. Robb kon nog
steeds teren op de nog niet vergeten naam 'Caroline'.
In april 1981 was in Nederland pas echt de
publiciteit over de terugkeer van Radio Caroline op gang gekomen. Zo
meldde het reclamevakblad Adformatie in die maand:'Radio Caroline komt
Paaszondag terug in de ether. De radiopiraat gaat zenden vanaf het
vrachtschip de Imagine. De mannen achter Caroline, de Britten Monsey en
Kramer, hebben een overeenkomst gesloten met het Amerikaanse Major
Market Radio Sales. Dat bedrijf gaat in een jaar tijd zo'n 25 miljoen
gulden aan reclamezendtijd verkopen. Naar verluidt is de zender sterk
genoeg om 24 uur per dag geheel Engeland, Nederland en België te
bestrijken'. Adformatie pikte het berichtje uit de Billboard. Na de
publicatie in AdFormatie ging Wim Broekhuysen, journalist van het
huis-aan-huis blad 'NU' aan het speuren. Zijn bronnen bleken niet tot de
beste te horen, getuige de volgende passages uit zijn artikel van 24
april: 'Toch staan justitie en de Radio Controle Dienst van de PTT op
scherp. De marine is verzocht uit te kijken naar een zendschip dat de
naam Imagine zou dragen. Britse verkenningsvliegtuigen,
die op onderzoek uitgestuurd waren, rapporteerden dat ze niets ontdekt
hadden. Maar een schip met de naam Imagine is ook nergens bekend. Geen
enkel scheepsregister vermeldt die naam. In de Belgische havenstad
Zeebrugge, van waaruit de Mi Amigo vroeger werd bevoorraad, spreekt men
over een spookschip. Hier circuleert het bericht dat de Imagine op zijn
reis naar Europa in de gevreesde Bermudadriehoek vergaan is'.
Honderdduizenden
Carolinefans in West Europa draaiden aan hun knop op de radio om de
middengolf af te tasten naar enig teken van leven van Caroline. De
teleurstelling was groot, want er was niets te vinden dat er ook maar
enigszins op leek. Niet alleen de fans waren van mening dat het nu zou
gebeuren, maar ook Major Market Radio. Nog maar 14 dagen voor Pasen had
dit bedrijf trots laten weten dat het station, eenmaal in de lucht,
spoedig van veel reclame zou zijn voorzien. Met een mast van 90 meter,
de hoogste ooit op een zendschip geplaatst, en met een 50 kW zender, zou
het grootste deel van Europa met Pasen verrast worden met de beste
popmuziek ter wereld. Helaas, op 22 april werd de eerste vertraging
bekend. Freewave Media Magazine zond een telex aan MMR. In het antwoord
gaf men te kennen dat er een vertraging was ontstaan op de terugkeer van
Caroline, veroorzaakt door balansproblemen. Uitvinder van die prietpraat
was Vincent Monsey, die in het tijdelijke kantoor bij MMR de telex van
FMM beantwoordde. Hij had zich inmiddels ook een nieuwe naam aangemeten,
want de telex was 'ondertekend' met Paul Collins. Na de onjuiste
startdatum was het bericht over de balansproblemen weer een prachtige
leugen van Monsey. Keihard kan gesteld worden dat ook in april en mei
nog geen enkel stukje 'hard-ware' voor de nieuwe ‘Caroline’ aanwezig
was. Wel slaagden Kramer en Monsey er in om via een advocaat in New York
in contact te komen met iemand die in een klap de gehele financiering
voor elkaar zou kunnen krijgen. Monsey, die zich tegenover de pers
consequent Collins liet noemen,gaf ook de advocaat en de
vertegenwoordiger van een clubje financiers de stellige indruk dat het
schip er was en ergens in een Europese haven gereed gemaakt werd voor
vertrek.
Direct na Pasen meldde Monsey dat de nieuwe
start op zaterdag 26 september (1981) zou gaan plaatsvinden. De naam van
de nieuwe programmaleider maakte hij ook bekend, hetgeen nogal wat stof
deed opwaaien. Op die eerste Caroline uitzenddag zou namelijk niemand
minder dan Johnny Walker om 12 uur de openingsshow presenteren. Walker
was eens topdeejay bij Caroline in de 60'er jaren en later boekte hij
zelfs succes bij Radio Luxemburg en BBC 1. Aanvankelijk zou Walker op
band opgenomen programma's naar het schip zenden, omdat hij zijn baan
bij het Amerikaanse rockstation KSAN (San Francisco) niet kwijt wilde.
Pas toen Vincent Monsey,hem 'koeien met gouden horens had beloofd, was
Walker bereid om de States vaarwel te zeggen en op de Imagine te
klimmen. Later komen we terug op de rol van Walker. Monsey had, in die
dagen, speciaal voor het bezoek aan potentiële adverteerders een jingle
pakket laten maken, bestaande uit vier jingles. Het thema was: 'The
Imagination Station Caroline'. Achteraf bleek dat het inderdaad in die
tijd een 'imaginair' station (denkbeeldig) was. Want ook in de zomer van
1981, was er nog geen schip.
Maandenlang hadden Koos en Leunis, de
scheepsuitrusters, niets van Ronan gehoord. Beide waren ervan overtuigd
dat het op niets zou uitlopen, totdat zij Ronan aan de telefoon kregen
en een afspraak met hen maakte voor de volgende dag. Opnieuw troffen zij
elkaar op hun schip, ditmaal echter in de haven van Hoek van Holland. 'Jullie
moeten onmiddellijk een schip voor me gaan halen en naar een werf in
Spanje brengen', zo had Ronan nogal gehaast tegen de twee gezegd. Leunis,
die Ronan 'van oorlam tot scheepsbeschuit' kende, liep niet meteen hard
van stapel en vroeg waar het geld was. Ronan gaf hem te kennen dat de
dollars weliswaar nog niet op de bank waren, maar dat er een grandioos
contract was afgesloten met een aantal Amerikaanse miljonairs. 'Geld is
geen probleem meer', had Ronan gezegd. 'Nou, dat is dan leuk voor je
Ronan, maar bij ons is het tegenwoordig handje contantje, iedere boot,
die gekocht moet worden en waar dan ook naar toe moet worden gebracht,
daar gaan wij op af. Kom maar terug als je van die papieren flappen
hebt. Dan staat voor ons pas echt het sein op groen', had Leunis tegen
Ronan geantwoord. Pas in oktober zou het duo een schip gaan halen.
Desondanks
werd er in Amerika nog steeds de indruk gewekt dat het zendschip klaar
was, maar dat men nog te kampen had met kinderziekten. Het spelletje
blufpoker werd wel heel ver gespeeld. Op 15 september 1981 verzond Major
Market Radio, volledig overtuigd van de geplande start van Radio
Caroline op 26 september, een uitgebreide persmap. Er werd, daarin, ook
bijzondere aandacht besteed aan de 60'er jaren periode van Caroline. In
een fleurig gedrukte brochure werden de commerciële items belicht. Op de
tarieflijst werden prijzen vermeld tussen de 470 en 100 dollar per
minuut, afhankelijk van de tijd van uitzending. De spots moesten
minimaal 14 dagen van tevoren ingeleverd worden bij MMR, zodat ze op
tijd aan boord konden zijn van de MV Imagine. Volgens het persbericht ,
moest de Imagine het vlaggenschip worden van iedereen die zich vrij
voelde en vrij wenste te zijn. Vandaar ook, dat, zoals in de 70'er jaren,
Caroline veel aandacht zou gaan besteden aan 'Loving Awareness'.
Desgevraagd, antwoordde Monsey dat er geen religieuze programma's zouden
worden uitgezonden (als bron van inkomsten), zolang er financieel geen
afhankelijkheidspositie zou ontstaan. Hij zei dat er in ieder geval
twaalf contracten waren afgesloten met grote multinationale
adverteerders. Het zou gaan om ondermeer tijdschriften, een hotelketen,
make-up en jeans. Opvallend was, dat in de MMR persmap geen foto van het
schip te vinden was. Ook namen van deejays werden niet vermeld, hoewel
Monsey in geuren en kleuren vertelde dat Johnny Walker in ieder geval
van de partij zou zijn als programmaleider. Het motto van Walker 'Ready
Steady Go' moest het station een swingend en snel karakter geven; veel
jingles -oude en nieuwe-, zodat Radio Luxemburg geheel in het niet zou
verdwijnen.
De programma's zouden telkens drie uur, per
deejay, gaan duren en zouden worden gevuld met het betere LP en
Singlewerk. De staf van de Carolineorganisatie zag er, volgens de
gegevens in de persmap, als volgt uit: Ronan O'Rahilly-Managing Director.
Paul Collins-Sales Director, Robb Eden-Sales Director England, Peter
Chicago-Chief Engineer, Johnny Walker-Programme Director. Sinds
maart 1968 had Walker niet meer voor Caroline gewerkt. In die tijd ging
hij programma's presenteren bij het popstation van de BBC, Radio One.
Ook werkte Johnny twee perioden voor Radio Luxemburg en halverwege de
70'er jaren zocht hij zijn geluk in de U.S.A., waar hij voornamelijk bij
stations aan de Westkust werkte. In die septemberdagen wist Monsey ook
nog te melden dat er nieuwsbulletins te verwachten waren, die gesponsord
zouden worden door Newsweek. In een interview met freelance journalist
Martin Hedges in het reclame vakblad 'Campaign' (11 September 1981) was
Paul Collins opnieuw aan het woord. Hier noemde hij twee Britse bureaus,
die ook voor Caroline reclamezendtijd zouden gaan verkopen. Het waren
Media Buying Services en Michael Jarvis en Partners. Collins (Monsey)
vertelde dat zij geen Britse organisaties zouden gaan benaderen maar
alleen multinationals. Monsey vond het nodig de journalist wijs te maken
dat `Caroline’ geen gewone 50 kW zender zou hebben maar een middengolf
stereozender; dit ondanks het feit dat dit systeem in Amerika slechts op
zeer kleine schaal werd uitgetest en de verwachtingen t.a.v. de
invoering van dit systeem niet erg hoog lagen.
We
doen even een stap terug in de Carolinegeschiedenis, want geheel buiten
het zicht van Vincent Monsey gebeurden er in Engeland ook de nodige
zaken die het vermelden waard zijn. Inmiddels had O'Rahilly een
kantoorruimte gehuurd bij een kleine platenmaatschappij, die werd gerund
door Bob Keene en Paul Hodge. Zowel Hodge als Keene bleken de gehele
Carolineorganisatie qua opzet wel interessant te vinden en boden aan ook
voor de organisatie zo nu en dan hand en span diensten te gaan
verrichten. Vanzelfsprekend leefde er in hun achterhoofd de gedachte,
dat via Caroline hun platenproducties geplugd zouden kunnen worden. Om
nog meer bij Ronan in de gunst te komen (de huur van de ruimte had Ronan
verbazingwekkend laag gevonden), introduceerde Keene bij Ronan een jonge
vrouw, die op dat moment nog promotionmanager was bij Polygram Records.
Bovendien was zij manager (van o.a. Elthon John. Annie Challis,
zo als de vrouw heette, kwam precies op tijd, omdat Ronan op zoek was
naar een kundige stationcontroller. Ze werd meteen in dienst genomen.
Later zou blijken dat die baan al min of meer was toegezegd aan de
voormalige Carolinedeejay Johnny Jason. Toevalligerwijze was Annie
Challis vroeger ook de manager geweest van Johnny Walker. Annie zegde
haar goed betaalde Fan bij Polygram op en nestelde zich op het kleine
kantoor van Keene en Hodge. Nog maar nauwelijks was ze er aan de slag
gegaan of zij kon Walker welkom heten in Engeland. Hij was met vrouw en
kinderen komen overvliegen en vond tijdelijk onderdak bij kennissen in
Londen. Walker hoorde dat hij maar moest gaan zoeken naar deejays. Als
eerste nam hij contact op met de deejays, die de laatste tijd op de Mi
Amigo hadden gewerkt, Tom Hardy, Stephen Bishop, Steve Gordon en Mike
Stevens. Ook sprak hij met Adrian Horseman, die op dat moment
nieuwslezer was bij Sunshine Radio in Dublin. Hoewel deze presentatoren
eerder dat jaar te kennen hadden gegeven dat ze wel op het zendschip
wilden werken, moest Johnny Walker aanhoren dat ze het in Ierland goed
naar hun zin hadden bij Sunshine Radio, een station dat trouwens was
opgezet door Robbie Dale. Zowel Johnny als Annie openden toen opnieuw de
jacht op deejays.
Vanuit New York vertelde Monsey ons in augustus 1981 dat hun zendschip niet langer onder de Panamese maar onder Liberiaanse vlag zou worden geregistreerd. Het was opnieuw een leugen van de bovenste plank, die echter wel aannemelijk klonk. Monsey zei dat dit besluit was genomen n.a.v. wat was gebeurd met het in Nederland in beslag genomen zendschip van Radio Paradijs, de Magda Maria. Dit schip was ook in Panama geregistreerd en de autoriteiten uit dat land hadden tegen het botte optreden van de Nederlandse justitie geen enkel protest aangetekend. Monsey zei verder dat Caroline ook een eigen tenderschip bezat, waarmee vanuit Spanje regelmatig zou worden bevoorraad. De Carolineorganisatie was, door dit aan te kondigen, ver vooruit gelopen op de mogelijkheid, dat het schip van Koos en Leunis eventueel door Ronan gekocht zou worden.
Ondanks
de MMR persmap en een persconferentie, in aanwezigheid van Amerika's top
deejay Wolfman Jack, waarin werd aangekondigd dat het allemaal
eindelijk op 26 september zou staan te gebeuren, verklaarde Robb Eden
dat Paul Collins wel heel optimistisch was en dat hij soms met een
korreltje zout genomen moest worden. Eden moet in die tijd geweten
hebben dat er alleen nog maar een 'imaginair' station en zendschip
bestond en dat de 'eigen' tender ook maar een fabeltje was. Vreemd
genoeg had O
O'Rahilly tegen ons gezegd (een paar dagen voor dat de
persmap werd verzonden): 'Het zou best eens Pasen 1982 kunnen worden,
Wij noemen ons schip 'de lady', en een lady bepaalt zelf wanneer zij
klaar is.....'
Op 5 september 1981 wist het dagblad 'Het Binnenhof' te vertellen dat de
Imagine lag te testen voor de Noord-Afrikaanse kust.Uit Ierland kwamen
geruchten dat het zendschip in de haven van Dublin zou liggen. In
Amerika werd de persinformatie door heel wat kranten en tijdschriften
opgenomen. Opvallend echter, in die berichtgeving, was het feit dat
alleen Vincent Monsey en Ronan O'Rahilly werden genoemd als de twee
initiatiefnemers. Kramer was uit de organisatie gestapt. Het
zou een jaar duren voordat hij bereid was te vertellen waarom hij naar
Londen terugkeerde.Op 26 september zaten andermaal honderdduizenden in
Europa gekluisterd aan hun radio en speurden tegen de klok van 12 uur,
de middengolf af om te zoeken naar een teken van leven van Radio
Caroline. Vanaf de vroege morgen tot de openingstijd van Radio Caroline
zou een steeds luider kloppend hart te horen zijn op een frequentie,
ergens tussen de 540 en de 800 kHz. Volgens ingewijden zou het station
op 519 meter gaan uitzenden. Teleurgesteld zette iedereen zijn radio
weer terug op het toenmalige Hilversum 3, BBC of op een ander popstation.
Opnieuw had de Carolineorganisatie haar publiek bedonderd. Achteraf
bleek echter dat de aankondiging alleen voor de Amerikaanse pers bedoeld
was. Het was een opwarmer voor Amerikaanse adverteerders geweest en niet
meer dan dat. Op 28 september, twee dagen nadat eigenlijk Caroline had
moeten beginner, lag er bij MMR andermaal een persbericht gereed voor
verzending. We zochten telefonisch contact.
Na overleg met haar baas, Roy Lindau,
was secretaresse Ellen Maldonado bereid het bericht voor te lezen via de
telefoon. 'De eigenaren van Radio Caroline, hebben vandaag
laten
weten, dat hun nieuw zendschip 'the Imagine' te kampen heeft met
stabiliteitsproblemen. Dit wordt veroorzaakt door de hoogte en het
gewicht van de 300 voet hoge zendmast, die op het dek van het schip is
bevestigd. Met probleem zal waarschijnlijk binnen een week zijn opgelost.
Het schip zal een droogdok binnengebracht worden in een land ergens 'aan
warm water'. Vermoedelijk zal dit op vrijdag 2 oktober gebeuren. Dit
betekent dat het station, welke gebruik zal maken van het contemporary
urban rock format, zijn nieuwe zendperiode in zal gaan op 15 oktober
(1981) met een perfecte groep deejays, die onder leiding zullen staan
van
Wolfman
Jack en Johnny Walker. De eigenaar van het station maakt verder
bekend dat het station al een indrukwekkende lijst met multinationale
adverteerders heeft kunnen opmaken, bestaande uit ondermeer de volgende
categorieën: luchtvaartmaatschappij, tijdschriften, make-up, jeans en
platen'. Nadat de secretaresse ons dit bericht had voorgelezen, moesten
we bekennen goede hoop te hebben gehad dat die vijftiende oktober
eindelijk de datum zou worden maar op die dag lag de Ross Revenge nog
eenzaam in een Schotse haven, op een nieuwe eigenaar te wachten, die
echter snel zou opdraven.
In november 1981 verscheen er in de Britse pers
een artikel, waarin werd gesteld dat Caroline ook via de korte golf zou
gaan uitzenden. Dit, omdat het dan ook in Amerika mogelijk zou worden om
naar het station te luisteren. Met name voor de Amerikaanse
adverteerders zou dit een goede controlemogelijkheid zijn op de
uitzendtijden van hun commercials. Het korte golf idee was afkomstig van
Roy Lindau. Hij vertelde dat, behalve Ronan O'Rahilly, niemand op de
hoogte was van het voornemen. In een telefoongesprek tussen hem en Ronan
was het idee ter sprake gekomen. Volgens Lindau werd met de publicatie
van de korte golf plannen een vermoeden min of meer bevestigd. Al eerder
waren bepaalde zaken in de pers gekomen, die alleen maar via de telefoon
waren besproken en eigenlijk geheim hadden moeten blijven. Ronan's
telefoon werd afgeluisterd. In Londen was plotseling een nieuw fenomeen
ontstaan. Een telefonische informatieservice met de naam 'Advanced Media
Yield' met zeezendernieuwtjes(Offshore Updates). Maar het bleek
uiteindelijk allemaal om Radio Caroline te gaan. Caroline had pertinent
niets met deze info telefoon te maken. De verstrekte informatie bleek
echter meestal juist te zijn. Wie het nummer draaide, kreeg naast
informatie ook nog de suggestie een internationale antwoordcoupon te
zenden naar een Postbusadres in Londen. Volgens de informatie op het
antwoordapparaat zou vanaf maart 1982 de gehele Radio Caroline story,
met informatie van achter de schermen, in vijf delen worden toegezonden.
De coupon was voor de toezending van het eerste deel. Toen
waarschijnlijk massa's Carolinefans hun coupon op de bus hadden gedaan,
werd de informatie op het antwoordapparaat niet meer vernieuwd. Niet
lang daarna werd het telefoonnummer afgesloten. De Londenaar Chris
England bleek de man achter Offshore Updates te zijn geweest. Overdag
werkte hij bij de telefooncentrale van de Britse hoofdstad, als
technicus. Op simpele wijze kon hij zich gratis dit infonummer
verschaffen en schakelde dit op een antwoordapparaat bij hem thuis aan.
Aardig te weten; maar interessanter was de tip,die binnenkwam. dat Chris
ook telefoongesprekken afluisterde op de centrale, met name gesprekken
van Carolinemedewerkers werden op de band opgenomen.Op deze wijze zal
Chris veel te weten zijn gekomen rond de Carolineorganisatie. Vandaar
ook zijn telefoonservice. Opnieuw kwam er een tip binnen over Chris. Hij
zou nu ook zijn verkregen informatie gaan publiceren in een boek, dat
bij een Amerikaanse organisatie,zou worden uitgegeven. Uit dit alles
bleek wel wie het verhaal over Caroline's geplande kortegolfuitzendingen
aan de Londense krant had verkocht. Tenslotte werd Chris echter betrapt
in de telefooncentrale op het moment dat hij aan verbindingen zat te
knoeien, waar hij niet aan mocht komen. Hij werd, volgens zeggen,
overgeplaatst naar een andere afdeling bij de telefoondienst. Toen ons
bekend werd dat de Carolinetelefoons werden afgeluisterd leek het ons
niet meer dan logisch dat de mensen binnen de organisatie op de hoogte
moesten worden gebracht. In New York reageerde Vincent Monsey nogal lauw
op onze waarschuwingen, maar beloofde O'Rahilly snel op de hoogte te
zullen brengen. Een jaar later vertelde Ronan ons, nooit iets van die
afluisterpraktijken te hebben gehoord: 'Vincent kan soms rare dingen
doen', zei Ronan toen.
Toch bleek Monsey ook wel goede ideeën Zo legde
hij in het begin van de zomer van 1981 kontakten met de Amerikaanse
syndicator '
Al
Ham Productions'. Dit bedrijf voorzag op dat moment meer dan 150 lokale
stations,met overweldigend succes, van complete radioprogramma's. Het
waren meestal zogenaamde 24 uur stations, die de succeshits uit de
dertiger tot en met zeventiger jaren draaiden, bestemd voor een
luistergroep boven de 35 jaar. De uitvinder van dit succesvolle 'format'
was Al Ham, die als bassist,in de 50'er jaren bij het 'Glenn Miller
Orchestra' speelde. Na een belangrijke carrière bij diverse Amerikaanse
bands werd Al producer voor topsterren als Roosemary Clooney, Johnny
Mathis, Tony Bennet en Erroll Garner. Al Ham noemde zijn -door veel
research ontwikkelde format 'Music of your life'.Monsey sloot met AI Ham
een contract; Radio Life zou met het MOYL format het tweede station op
de MV Imagine gaan worden. Ham was dermate enthousiast, dat hij direct
een optie nam op een 50 kilowatt zender bij Besco International. Die zou
dan aan het zenderpark van Radio Caroline worden toegevoegd. Later zou
Ronan verklaren dat het contract met Al Ham e€n van der weinige goede
transacties was geweest die Monsey had afgesloten. Monsey had Ham ook
nog eens $10.000 weten af te troggelen als eerste bijdrage voor de huur
van de ruimte op het zendschip.Het volgende contract, dat Monsey afsloot,
was met de wereldberoemde deejay Wolfman Jack. In de maand september
haalde Caroline heel wat publiciteit met de 'definitieve' komst van
Wolfman. Vele kranten en tijdschriften in Amerika brachten dit nieuws en
korte tijd later nam de Europese pers dit over. Wolfman zou zijn shows
tijdens de avondspits gaan presenteren, van maandag tot en met zaterdag.
Op de receptie, die ter ere van de gebeurtenissen bij MMR werd gegeven,
was ook Ronan aanwezig, maar hij hield zich ver op de achtergrond.
Monsey had Don Kelley, de manager van Wolfman Jack, te kennen
gegeven dat Caroline in november zou starten. Enthousiast zette Wolfman
in zijn studio in Hollywood gelijk voor drie maanden programma's op de
band. Deze werden naar een agent van Don in Parijs verzonden om daar te
worden opgehaald door
een
Caroline koerier. Die banden zouden echter nooit via Radio Caroline de
ether in gaan. Met name over de zenders en alles wat daarmee te maken
heeft kletste Vincent maar raak. Volgens hem kwam er ook een FM zender
op de Imagine, waarmee Zuid Engeland, met een perfect stereogeluid, zou
worden bediend. Ondanks dat hij in eerdere gesprekken met ons
frequenties als 519, 408 en 319 meter had aangegeven als de ideale
plekken op de middengolf, beweerde hij eind september 1981 dat de chef
technicus Peter Chicago, altijd al naar de 429 meter had gelonkt. Het
toeval wilde dat er na korte tijd testsignalen te horen waren op 519
meter. Vanzelfsprekend dacht iedereen dat dit testsignalen vanaf het
Caroline schip waren, waar dit dan ook maar verankerd zou liggen. In
ieder geval nog niet voor de Britse kust.
Even was het vrije radiowereldje in rep en roer
toen werd gemeld dat zich ten noorden van het Marsdiep een schip 'ophield'
dat verdacht veel op een zendschip leek. Kort daarna was de
teleurstelling groot. Opnieuw bleek dat, een nerveuze en onervaren,
observeerder een valse melding had gedaan. Toen we Monsey confronteerden
met de testsignalen zei hij dat dit Caroline wel zou zijn. Hij had
gehoord dat het station op drie frequenties aan het testen was. Verder
vertelde hij dat aan een team van Veronica TV de toezegging was gedaan
dat zij als eerste op het schip mochten komen om te filmen. Maar nog
steeds was er helemaal geen schip, maar dat wisten we pas later
definitief. 0p 1 oktober 1981 spraken we met MMR vice president Roy
Lindau. 'Er zijn problemen met de generatoren', zodoende kan 15 oktober
ook niet worden gestart. Alle deejays zijn al aan boord van het schip en
er ligt al een boot klaar in het Kanaal, waarop mensen zitten te wachten
op de aankomst van de Imagine', zo loog hij.
Ex Caroline deejay Stevie Gordon deed, in die
dagen, alsof hij goed was geïnformeerd en beweerde dat Caroline toch op
15 oktober zou beginnen: 'Men is redelijk tevreden over de gekozen
frequentie. De elektronica van Amerikaanse makelij zal het
middengolfsignaal dusdanig bewerken, dat het als 'FM' klinkt. De eerste
periode zullen de deejays lang op het schip zitten, zonder dat er wordt
getenderd. Men wil eerst afwachten wat het effect zal zijn dat het
station teweeg zal brengen. De mensen zullen wel moe worden, om steeds
dezelfde stemmen te moeten aanhoren', zei Gordon. Kort na deze, onjuiste,
berichtgeving, was het Vincent weer, die nauwelijks een week na de
verklaring van Lindau over de problemen met de generatoren, met een
geheel nieuwe reden van de vertraging aankwam: 'Er zijn problemen met de
stabiliteit van het schip zelf. Het dook in de golven, en het kwam er
niet genoeg uit.
Er zullen correcties toegepast moeten worden op de 140 ton extra ballast,
die bestaat uit beton. De kapitein had daarom besloten meteen terug te
varen naar het droogdok', zo luidde Monsey's verhaal. Zo'n grote
hoeveelheid nonsens hadden we nog nooit gehoord. Helaas konden we Monsey
niet confronteren met het feit dat Koos en Leunis, op datzelfde moment,
onderweg waren naar Schotland. In hun portefeuille zat een gedekte
cheque t.w.v. 28.500,- Pond. Ronan had het geld bijelkaar weten te
krijgen om een schip te kopen. Niemand was op de hoogte van die
transactie en dat had, om overduidelijke reden, ook zo moeten blijven....
Eind oktober ontstond een gerucht, dat wijds werd verspreid. Het Ierse
Vrije Radio station Sunshine Radio in Dublin, eigendom van Robbie Dale,
zou van naam gaan veranderen zodra Caroline in de lucht was. Sunshine
zou dan Caroline North worden en vanaf de Imagine zou Caroline South
gaan uitzenden. Uiteindelijk bleek dat het verhaal was ontstaan door een
typefout in een persbericht van een vrije radio club met de naam Anorak
UK.
Aan
iedereen, die hij sprak, had Vincent verteld dat Caroline twee
Continental Electronics zenders aan boord had, een 50 en een 10 kW.
Edward King, directeur van de zenderfabriek, kon zich nog wel herinneren
dat een zekere Chicago hem, in het voorjaar van 1981, had opgebeld, en
had gevraagd naar tweedehands zenders. 'Omdat wij die niet verkopen, heb
ik hem doorgestuurd naar Besco International in Dallas. Dick
Witkovsky, de eigenaar, is een goede vriend van mij. Hij handelt in
goede tweedehands apparatuur'. In zijn onschuld had King de boel voor
Caroline aardig blootgelegd.Er waren dus geen nieuwe CE zenders. Dick
Witkovsky bleek een net zo openhartige Amerikaan te zijn als zijn vriend
Edward King. Hij vertelde ons, dat op een dag Chicago zo maar bij hem
binnen was komen lopen. Hij had een 50 en een 10 TX nodig. Bij Besco is
dit meestal uit voorraad leverbaar, maar op dat moment juist niet. Dick
en Peter besloten dus maar eens te bellen met een aantal stations,
waarvan het vermoeden bestond dat zij een nieuwe zender wenste aan te
schaffen. Dick had daar zo zijn bronnen voor. Met een lijst van adressen
op zak vertrokken de beide heren voor een trip door Amerika en Canada.
Uiteindelijk vonden ze twee geschikte zenders. Voor de 50 Kw moesten ze
naar het lokale Canadese station CFSO dat had besloten om een nieuwe
zender aan te schaffen.
In september 1981 stonden zo drie zenders
gereed voor verzending naar het schip; alle van het merk RCA. Inclusief
diverse draaitafels, recorders, microfoons, mengpanelen, werden de
zenders in zware kratten, door een eigen transporteur van Caroline, naar
de haven van New York gebracht.
De
tocht naar het zendschip zou echter een ongewenst lange tijd in beslag
nemen. Toen wij in december 1981 met Johnnie Walker spraken over zijn
nieuwe baan als programmaleider bij Caroline, was hij nog een man vol
ideeën. Hij wist precies hoe hij de sound van het station zou gaan
opbouwen. Met zijn toen 36 jaar en vele jaren ervaring twijfelde daar
ook niemand aan. Toch liet hij, in het begin van ons gesprek, al wat
kritiek los op de gang van zaken. Met name de steeds weer genoemde
startdata, door Monsey, zaten hem dwars: 'Als het aan mij lag, werden en
worden er helemaal geen startdata genoemd. Bij een dergelijke opzet, als
die van ons station, is het moeilijk alles precies te planner.
Vertragingen kunnen heel eenvoudig optreden. Hoe dan ook, we hebben een
heel duidelijk doel voor ogen. We willen Caroline met dezelfde elan
impact als in de 60'er jaren, terugbrengen. Alleen voegen we er een
aantal moderne, nieuwe, elementen aan toe. Want in de zestiger jaren had
niemand het in zijn hoofd gehaald om een 90 meter hoge mast op een schip
te zetten.', aldus Walker. Toen we vroegen of hij zeker wist dat het
schip er was, gaf hij te kennen dat geheel zeker te weten: 'Het ligt
ergens bij een scheepswerf. En het wachten op 'onze lady' is de moeite
waard. Met een enorm sterk signaal zullen we in de ether terug komen. De
luisteraars zullen zeer verrast zijn over de geluidskwaliteit, die we op
de middengolf zullen produceren.
We confronteerden Walker met het gerucht dat in
die tijd circuleerde dat de MEBO II het Caroline zendschip zou worden en
in een Portugese haven verbouwd werd. Het ging hier om het voormalige
zendschip van RNI. De gedoodverfde programmaleider wuifde dit lachend
opzij: 'We hebben een nieuw schip en die is groter als de MEBO II Het.
et is 120 meter lang en het weegt zo'n 1100 ton. Verder zei Walker: 'Nu
ik in Engeland terug ben, merk ik dat Caroline nog steeds leeft onder de
mensen en dat doet me veel plezier. Ook bij mij leeft dezelfde heimwee
naar het station, als bij de luisteraars. Al weet ik dat ik enorme
risico's neem, toch doe ik het. Het is 't mij waard. En, als alles zo
gaat als we willen, wordt het een opwindende en lonende opgave'.Kirt
daarna zou Walkers enthousiasme sterk afnemen.
Al eerder noemden we de naam van Paul Hodge,
die samen met Bob Keene een kantoor had in Londen, dat zij gedeeltelijk
aan Caroline hadden verhuurd. Plotseling was Hodge in november 1981
verdwenen. Niemand wist waar hij was gebleven. Bob Keene echter, miste
wel opeens een bedrag van £ 14.000,- van het firmakapitaal. Pas in april
1982 zouden de Caroline mensen ontdekken welk spelletje Hodge had
gespeeld. Zelfs Vincent Monsey, die in die dagen ook niet een bepaald
fraaie rot had gespeeld, was hevig ontdaan na de ontdekking van de
'double cross' van Paul Hodge. Hoewel de Caroline staf het hardnekkig
bleef
ontkennen,
dat een gerucht de ronde deed, dat er een tweede station vanaf de MV
Imagine zou gaan uitzenden, veroorzaakte dit gerucht voor nog meer
opwinding in zeezenderkringen. Niet alleen de fans werden nerveus. Zelfs
bij Radio One (BBC) en Radio Luxemburg voelde men steeds meer de hete
adem van Radio Caroline in de nek. Wat aanvankelijk als fantasie van
Ronan werd beschouwd, werd toch steeds meer als een reële bedreiging
gevoeld.
Mede om die reden pepten beide stations hun
format nog wat op en werden nieuwe jinglepakketten ingevoerd. Radio
Luxemburg ging andermaal over naar het Top 40 format. Al die paniek was
natuurlijk zeer voorbarig. Maar, wie wist toen eigenlijk dat voor
Caroline het spel nog maar net was begonnen op een Spaanse scheepswerf?
Chicago was wachtende op een zending uit de VS. De zenders en de andere
apparatuur waren in stevige kratten de reis van Dallas naar Hoek van
Holland begonnen. Toen de apparatuur in Nederland aankwam ontstonden er
problemen. Dit leverde een vertraging op en uiteindelijk werden de
kratten vrijgegeven en door het constructieteam naar de haven, waar de
ombouw zou plaats vinden, vervoerd. Het was toen december en nog steeds
wist niemand waar het zendschip lag, ook niet wat voor een type schip
het zou zijn en wat de oorspronkelijke taak was.
Maar kwam er dan daadwerkelijk een nieuw schip?
Het was de advocaat van Al Ham, de man achter Music of Your Life, die
vertelde wie de representant was achter het financieringsconsortium van
Caroline. Deze advocaat, Jack London, zei dat het met name de persoon
van de representant was, die hem had weten te besluiten om Al Ham te
adviseren niet met Caroline in zee te gaan, zo lang deze persoon er bij
betrokken zou zijn. Wie was dan deze bemiddelaar die Caroline weer tot
leven had gebracht? 'Het is een zekere James Ryan uit
Philadelphia, meer kan ik je niet zeggen, dat moeten jullie zelf maar
uitzoeken', zo had hij ons gezegd. Maar, waar te beginnen? Al in het
begin van de zomer van 1981 had Ryan bij Monsey de
financieringsovereenkomst getekend, samen met de New Yorkse Caroline
advocaat John Leonard. Volgens het afgesloten contract zou Caroline
worden gefinancierd in een aantal termijnen. Het geld was afkomstig van
een aantal particuliere ondernemers, die door Ryan werden geadviseerd.
In eerste instantie was de investeerders toegezegd dat in november 1981
Radio Caroline zou gaan uitzenden. maar toen Ryan, in deze wintermaand,
bij Monsey informeerde hoe de zaken er voor stonden, zou het beter
geweest zijn als hij de waarheid had gezegd tegen Ryan; namelijk dat er
een enorme vertraging van drie maanden was ontstaan door het vasthouden
van de zenders door de Nederlandse douane. Vincent was waarschijnlijk
bang dat die waarheid niet goed zou aanslaan bij de financiers en verzon
weer een of ander excuus. Ook noemde hij gelijk maar weer een nieuwe
startdatum. Hij maakte Ryan wijs dat Caroline met Kerstmis te horen zou
zijn via de middengolf. De werkelijkheid
was totaal anders. Op het schip kon maar weinig worden gedaan, omdat
eerst de zenders en de studioapparatuur moesten worden ingebouwd,
voordat andere zaken konden worden geklaard, zoals het plaatsen van de
zendmast. Pas in december, toen de lang verwachte apparatuur arriveerde,
kon met de 'grootscheepse' verbouwing worden begonnen.
Ronan
O'Rahilly had zich niet al te intens bezig gehouden met de zaak en had
in geen maanden met de representant van het financieringsconsortium
gesproken. Aanvankelijk konden Ronan en Ryan goed met elkaar opschieten.
Beiden waren leren. Wellicht dacht Ryan dat Ronan rond Kerstmis
eindelijk de verlossende woorden zou spreken. Maar Ronan was gedurende
de najaarsperiode nogal geïrriteerd geraakt door Ryan's merkwaardige
stijl van optreden. In een telefoongesprek, vlak voor Kerstmis, had
Ronan gezegd dat Ryan we] goed moest begrijpen dat het zijn schip niet
was, maar dat van O'Rahilly en dat de heren gewoon nog even geduld
moesten hebben. Dit zat Ryan helemaal niet lekker. Maar, toch wachtte
hij nog even af. In januari 1982 kwamen we erachter wat er met de
telefonische informatie service van Chris England was gebeurd. Het was
afgesloten. Bij toeval kwamen we erachter dat er een tweede
telefoonaansluiting was in Londen, waar Chris gebruik van maakte. Een
vriend van Chris nam, nadat we het nummer hadden gedraaid, op en zei
nergens van te weten. Chris zou voor Radio Caroline naar Amerika zijn
gereisd. Het verhaal was, dat Peter Chicago, vanuit Spanje, met een
vriend had gebeld met het verzoek of deze enige onderdelen uit Amerika
zou willen halen en deze naar het schip zou willen brengen. Die vriend
was James Kaye, die in het verleden ook al eens enige hand en
spandiensten voor de Caroline organisatie had verricht. Kaye ging naar
de States en nam zijn vriend Chris mee. Zonder te weten dat zijn maat
ook zijn telefoon had afgeluisterd. Op eigen kosten ondernamen de beiden
de trip naar Dallas om daar de onderdelen op te pikken. Eenmaal in
Spanje, met een auto vol onderdelen, wachtte hen een teleurstelling. Er
was geen geld en ze konden niet worden betaald voor hun bewezen
diensten. 'Dat komt spoedig', werd hun meegedeeld. Ontdaan en platzak
kwamen Chris en James terug uit Spanje in Engeland aan.Daar werden ze
opgewacht door één van onze tipgevers, die hen meenam naar een pub en
hen dronken voerde. James werd loslippig en noemde een havenplaats. Het
klonk als Esteph Colona. In zijn beschonken toestand bleek hij kennelijk
nog zo helder van geest dat hij een fake naam kon noemen. Ook wist onze
tipgever nog van hem los te krijgen dat dit een havenplaatsje was in
Portugal. Enig speurwerk leerde ons dat we in de maling waren genomen,
In
januari '82 spraken we ook met Jim West, de marketing manager van Music
of Your Life.. Hij bevestigde dat de firma van Al Ham nog steeds in
onderhandeling was met Caroline: 'We zijn in ieder geval erg
geïnteresseerd in het 'pirate' project. Het is wel grappig wat er nu
gebeurt. Zo'n 20 jaar geleden was ik ook (indirect) betrokken bij
offshore radio. In die tijd produceerde ik de pakketten met jingles voor
Britain Radio, Radio England en Radio London. Ik werkte toen nog als
producer voor de jinglemaatschappij PAMS in Dallas.' West merkte op dat
er nog niets te zeggen viel over de resultaten van de besprekingen. Wel
zei hij dat zijn baas A1 Ham het 'very exciting' vond om piraat te
worden. Een paar dagen na het gesprek met Jim kregen we het eerder
genoemde jingle pakket in handen 'The Imagination Station Caroline....'.
In opdracht van Johnny Walker had het bedrijfje, dat de moederbanden van
PAMS had overgenomen, -CPMG- een proefserie gemaakt. Nadat Johnny ze had
beluisterd schijnt hij alleen maar 'shit' te hebben gezegd. De kwaliteit
van het geheel was inderdaad ver beneden het niveau dat we van PAMS
gewend waren.Het zendschip zou Imagine gaan heten, afgeleid van Lennon's
song met dezelfde titel. Hij schreef: 'Imagine there's no country' en 'Imagine
all the people living life in Peace.' Dit was de kern van de filosofie
achter 'Loving Awareness , die opnieuw via Radio Caroline zou worden
uitgestraald. Op basis van dit alles moest het idee geschapen worden van
een land waar alle mensen in vrede zouden kunnen leven. Het was ook het
plan, om 'Imagination paspoorten' te gaan uitgeven, voor iedereen die
achter de LA filosofie zou staan.
In de tweede maand van 1982 kwam Vincent Monsey
met een nieuwe creatieve smoes, die de waarheid over het niet uitvaren
van de Ross Revenge moest dekken. Volgens Monsey zou Ronan willen
wachten tot de hoger beroepszaak van de Magda Maria, het zendschip van
Radio Paradijs, achter de rug zou zijn. Radio Caroline mocht niet
hetzelfde risico lopen te worden binnengesleept door de marine - van
welk land dan ook. Als Ronan daar werkelijk op zou hebben willen wachten
dan had het uitvaren nog precies twee jaar lang moeten duren. Want toen,
januari 1984> bepaalde de Hoge Raad, in Den Haag, dat het ingrijpen van
de Nederlandse justitie niet had mogen plaatsvinden. Sinds augustus 1981
had het zendschip van de ‘Paradijsorganisatie’ in de Amsterdamse
entrepothaven aan de ketting gelegen. Niemand had echter kunnen
vermoeden dat het nieuwe Caroline zendschip kort na het uitspreken van
Monsey's smoes ook aan de ketting zou worden gelegd. In maart ontstond
een korte rel omdat Wolfman Jack, in één van zijn syndicated programma's
op het Franse Europe 1, wat denigrerende opmerkingen over Caroline zou
hebben geplaatst. Er is niemand die dit op de band heeft opgenomen, maar
toch vroegen we een reactie aan Wolfman's manager, Don Kelley. Hij was
duidelijk verrast over dit bericht en verwees het naar het rijk der
fabelen. 'Wolfman is juist zeer enthousiast over Caroline en zodra het
uitzendt zal hij naar Europa vliegen om het te bezoeken', aldus Don.
Vanuit New York vertelde Monsey ons niet veel
later via welke nieuwste snufjes Radio Caroline in staat zou zijn om
commerciële programma's direct vanuit de States naar het schip toe te
sturen. Volgens hem zou dat per satelliet gaan gebeuren.Vanuit het
kantoor in New York voegde hij nog wel aan zijn verhaal toe dat alles
nog in de kinderschoenen stond. Tevens liet hij doorschemeren dat het
alweer bijna Pasen was en dat het project zo goed als startklaar was.In
maart bleek voor het eerst dat er in Spanje op de scheepswerf iets mis
was met het zendschip. Geruchten gingen, dat er een schuld was van $
70.000,-, zijnde de niet betaalde liggelden bij de scheepswerf. Beide
feiten waren onjuist maar kwamen dicht bij de waarheid. Er waren
problemen en het schip lag inderdaad in de buurt van Bilbao. Bovendien
werd er gefluisterd dat Major Market Radio geen belangstelling meer had
voor Radio Caroline. Chris Cary, die onder de naam Spangles Muldoon ooit
zijn carrière begon, was eigenaar van Radio Nova in Ierland. Hij zei in
die tijd: 'Het is een droom uit de 60'er jaren dat Caroline een groot en
jong luisterpubliek kan trekken op de middengolf. Iedereen luistert nu
naar de FM.' Ironisch genoeg kocht Cary, kort na die uitspraak eenzelfde
50 kW middengolfzender als Caroline had gekocht en ook deze werd
geleverd via Besco in Dallas.
Toen
Robb Eden van ons vernam dat wij precies wisten welke tweedehands
zenders Peter had gekocht in Dallas, werd hij zeer nerveus. Uiteraard,
want Monsey had de investeerders wijsgemaakt dat er nieuwe Continental
Electronics zenders waren aangeschaft. Eden hoopte dat wij dit alles
voor ons zelf zouden houden: 'Niet iedereen hoeft alles te weten',
voegde hij er aan toe. Half februari 1982 zei Monsey, dat er hard werd
gewerkt aan de opzetten van de zendmast. Hij sprak dit keer de waarheid.
Het constructieteam was inderdaad in Spanje hard aan het werk om de
hoogste mast, ooit op een zendschip gebouwd, op de Ross Revenge te
plaatsen. Monsey kon het echter niet nalaten om toespelingen te maken op
een nieuwe startdatum: 'We hebben nog maar een dag of vijf nodig om
zendklaar te zijn', sprak hij optimistisch. Ook deelde hij mee, dat de
Ross Revenge definitief onder de Panamese vlag zou gaan varen. Caroline
had afgezien van de Liberiaanse vlag. Later zouden we van Leunis horen
dat in oktober 1981 het schip door hem bij de Panamese autoriteiten was
geregistreerd, als zijnde een jacht. Ronan had dit niet voor elkaar
gekregen, maar voor Leunis was dit een 'fluitje van een cent' geweest.
Monsey bevestigde ons vermoeden, dat de Ross Revenge een voormalig
visfabriekschip zou zijn. Al wisten we toen nog geen naam. Hij besloot
zijn optimistisch verhaal met de mededeling, dat het schip de naam
Imagine zou krijgen als het de haven zou uitvaren.
In maart beweerde men vanuit het Caroline House, aan de Madison Avenue, dat er reeds voor 5 miljoen aan reclamecontracten getekend was. De meeste spots zouden in het Engels worden uitgezonden. Enkele echter ook in het Frans, Duits en Nederlands. De organisatie zei nog steeds een omzet van 25 miljoen Pond per jaar te kunnen halen. Nog steeds was 'niemand' achter de geheime ligplaats van het zendschip gekomen. Alleen Chris England, de man van de speciale 'telefoonservice' had,bij het afluisteren van de Carolinetelefoons, ook een gesprek opgevangen met Peter Chicago en zijn vriend James Kaye. Chicago noemde Kaye het telefoonnummer van een café aan de kade, bij de scheepswerf. Later draaide Chris het nummer en vond uit waar dit thuis hoorde. Maar, Chris zweeg. Hij hield de informatie voor zichzelf, tenminste dat namen wij aan. Nog steeds hadden alle Carolinemedewerkers en geen notie van dat hun telefoon werd afgeluisterd. Toch slaagden we erin de vriend van Chris te pakken te krijgen, die volledig op de hoogte was van alle Caroline ontwikkelingen. Hij was bereid om, tegen een wederdienst, enige informatie aan ons door te spelen. 'Op de eerste plaats zijn er drie frequenties favoriet bij Peter Chicago: 319 (311.5), 537 en 389 meter. Er zijn heel wat figuren, die voor Caroline aan de slag zijn, waaronder James Kaye', zei hij. Hij zou de benen uit zijn lijf hebben gelopen om maar alles te kunnen doen om het station weer terug in de lucht te krijgen. 'Maar het zijn allemaal egotrippers, die belangrijk willen zijn en willen kunnen zeggen dat ze bij de Carolineorganisatie behoren.' Hij vertelde verder dat het schip een grote trawler zou zijn van 76 meter lang, met een tonnage van ruim 1000. Het zou in een Noord Spaanse haven liggen, maar het was pertinent niet in Bilbao. Hierdoor konden we vrijwel zeker aannemen dat het Santander moest zijn. Maar, zekerheid hierover hadden we toen nog niet. Verder werd er ons verteld dat er twee generatoren aan boord zouden zijn met een gezamenlijk vermogen van 200 kW. Het schip zou in een perfecte conditie verkeren en zou een zeer sterke motor aan boord hebben. Gevaar voor afdrijven, zoals bij de MV Mi Amigo, was dus niet aanwezig.
Eind maart 1982 was de Ross Revenge zo goed als
klaar. Voor zo’n f 60.000,- werd het schip vol met voedsel geladen. Het
zag er toen dus werkelijk uit alsof het Pasen zou gaan worden.
De
tanks werden volgeladen met olie en water en alles werd in gereedheid
gebracht voor de afvaart. We hoorden dat de lengte van de antennedraden
zo'n 80 meter moest zijn. Met vier vermenigvuldigd zou dit de golflengte
van 320 meter zijn; kortom 311.5 meter ofwel 319. Grotendeels gereed,
voor haar nieuwe taak, was de Ross Revenge het dok uitgevaren naar een
ligplaats, iets minder diep in de haven. Intussen had de representant
van de financiers, James Ryan, iemand naar Spanje gezonden om eens een
kijkje te nemen op het schip om te zien hoe ver de werkzaamheden waren
gevorderd. Toen bleek dat het schip nog niet helemaal klaar was, zoals
Ryan wel was verteld, barstte Ryan in woede uit en pakte meteen Vincent
Monsey aan. Hij werd beschuldigd van leugens en contractbreuk. Ook werd
hem naar het hoofd geslingerd dat het schip nog niet was aangekocht,
toen in 1981 het eerste financieringsbedrag was overgemaakt aan
Caroline. Spoedig zou Monsey merken, wie dit aan Ryan had verteld. Juist
op dat moment, kwamen wij achter de naam van het zendschip Ross Revenge
en na wat telefoontjes en gesprekken wisten we met welk schip we te doen
hadden.
Hier in het kort de geschiedenis van het schip:
Augustus 1960, de zijnetten trawler 'De Freyer' werd bij de rederij A.G.
Wesser in Bremerhaven gereed gemaakt voor levering aan Ross Fisheries in
Schotland. Het was de trots van de rederij, bijna 27 meter lang, 10
meter breed en 978 ton zwaar. Een dieselmotor van 2050 PK kon het schip
een kruissnelheid van 14 mijl geven. De Freyer was uitgerust met moderne
ballasttanks en een verstelbare schroef. Een modern en zeer stabiel
visserijschip, waarvoor geen zee te hoog was. Bovendien was het voorzien
van een dubbele beplating, te bescherming tegen ijsschotsen. Ross
Fisheries gaf het de naam Ross Revenge. Na acht jaar van trouwe dienst
verkocht Ross Fisheries het schip aan B.U.T, British United Trawlers,
maar
Ross
Fisheries huurde het vervolgens van B,U.T. terug. Het ging steeds
slechter met de visserij en in 1974 besloot B.U.T. de Ross Revenge te
laten ombouwen tot 'salvage ship', dus tot berging/reddingsschip. Meer
rederijen waren op dit idee gekomen hun schepen te laten ombouwen en de
concurrentie was hard. In 1979 uiteindelijk, moest
de Revenge verkopen. Door bemiddeling van scheepsmakelaardij 'Tee Side
ShipWroaers' kwam de Ross Revenge in eigendom van kapitein Silas Victor
Oates. Hoewel Oates aan de zuidkust van Engeland woonde, kreeg de Ross
Revenge de haven van Guernsey als thuishaven.De douane en de havendienst
van dit eiland konden, toen we er naar vroegen, zich Oates en zijn schip
nog wel herinneren. Het laatste dat zij over beiden vernamen was een
bericht uit het plaatsje Stranrear in Schotland. Daar zou de Ross
Revenge van eigenaar zijn veranderd. Dit speelde zich af in oktober
1981. Volgens de autoriteiten, van Guernsey, heeft Oates nooit iets
bijzonders met 'zijn schip' gedaan.
In oktober 1981 werd het schip, vanuit Schotland, door het
constructieteam naar Spanje overgevaren. Zij zouden daar de gehele
verbouwing voor hun rekening nemen. Toen de koopovereenkomst werd
afgesloten was men van plan meteen naar Spanje te vertrekken. Het schip
was door Oates geheel gereed voor vertrek achtergelaten. Een groot
oponthoud zou de bemanning echter te wachten staan, wanneer zij de
afvaart geheel volgens de regels zouden spelen. Aan de rompslomp met de
douane zou veel te veel tijd in beslag nemen. De bemanning verzon een
list, zodat de douane letterlijk omzeild kon worden. Aan de havendienst
deelde men mede dat men een proefvaart zou gaan maken.Deze zag daar geen
bezwaar in. Dus, werd de motor gestart en voer de Ross Revenge de haven
uit, om nooit meer terug te komen.
Al
tijdens de overtocht bleek het schip geen miskoop te zijn, maar een
koopje (de aankoopprijs was £ 28.500,-). Vanwege het faillissement van
Oates was de prijs uiteindelijk op dit bodembedrag uitgekomen. De
nominale marktwaarde lag in de buurt van de £100.000,-. De Ross Revenge
gedroeg zich precies zo als een zendschip zich zou moeten gedragen,
tijdens een storm windkracht 9. Het schip ging kalm mee met de
golfbewegingen, maar van enige schommelingen was geen sprake. Alle
gevulde glazen op de tafel verschoven niet en er werd geen druppeltje
gemorst. Maar, ook net een, bijna, 90 meter hoge zendmast zou er,
volgens het constructieteam, geen vuiltje aan de lucht zijn. De
ballasttanks en het extra gestorte beton (140.000 kilo) maakten het
schip als een rots in de branding.
Hier volgen puntsgewijs de gegevens over de
Ross Revenge:
* Augustus 1960 bouwklaar gemaakt door AG Wesser in Bremerhaven, West
Duitsland. werfnummer 868.
* Toenmalige naam: 'Freyer 63'/Trawler. -Lengte 76,61 meter
-breedte 10,39 meter gewicht 978 ton bruto 428 ton netto -Uitgevoerd met
speciale dubbele 'ijsbeplating' -In gebruik bij Ross Fisheries tot 1968
* Eigendom van British United Trawlers tot 1979 –
* Eigendom van Oates tot 1981, thuishaven Guernsey -Oude
registratienummer GY 718
* Motoren gebouwd door NV Werkspoor te Amsterdam. 10 cylinders olie/2.050
bhp. -Maximum snelheid ± 15 knoten
*Verstelbare schroeven t.b.v. goede manoeuvreerbaarheid.
* In 1976 omgebouwd tot zijtrawler
* In 1979 omgebouwd tot salvage schip
* 8 januari 1982 uit Lloyd's register teruggetrokken in verband met de
verbouwing en naamswijziging door Carolineorganisatie.
* Van Engeland naar Bordeaux toe, vervolgens naar Bilbao en Santander
* kleurstelling: romp roest roze, dek wit en groen.
Op 26 maart 1982 meldde het Algemeen Dagblad:'In piratenkringen wordt er
rekening mee gehouden dat Radio Caroline rond 4 april terugkeert met
uitzendingen vanaf zee. Een in Lissabon opgeknapt zendschip zou onderweg
zijn naar de Teemsmonding'. Het Algemeen Dagblad ging in het kort nog
even in op het zinken van de MV Mi Amigo en besloot het artikel met: 'Het
schip heeft een zendmast van 90 meter. Er staan drie zenders aan boord,
waarmee vijf golflengten bestreken kunnen worden. De bevoorrading zal
vanuit Marokko geschieden'. Een dag later kwam het Veronicablad met een
artikel over de mogelijke terugkeer van het station. Zij besloten het
stuk, dat grotendeels was overgenomen uit het blad Broadcast, met te
zeggen dat zij het pas zouden geloven als ze signalen hadden gehoord van
Radio Caroline en ze vroegen zich tevens af wat de Britse justitie zou
doen met Caroline in 'haar' Teemsmonding.
Op
24 februari begon Annie Challis van zich te laten horen. Sinds zij, een
half jaar daarvoor, door Ronan als stationmanager/controller was
aangenomen, had zij een behoorlijke 'low-profile' aangehouden. Maar, wel
degelijk had ze stilletjes alle touwtjes in handen genomen. Annie dacht
dat de tijd rijp was om voorzichtig van zich te laten horen. De Ross
Revenge was tenslotte zo goed als klaar en zou spoedig vertrekken, zo
leek het. Ze vertelde ons, desgevraagd, dat over een dag of tien de
Spaanse haven verlaten kon worden.
In kringen van vrije radio en bij de
overgebleven Carolinefans steeg de spanning ten top. Vooral toen op 27
en 28 maart 1982 op een aantal oude ‘Caroline frequenties’ met
modulatietonen werd getest. Op 29 maart zaten alle fans op het puntje
van hun stoel. Gedurende de hele dag werd een testsignaal uitgezonden op
954 kHz. Een plek op de middengolf, die door velen voor 963 kHz werd
aangezien, omdat op de meeste radio's dit niet precies is af te lezen.
De testen werden ook uitgevoerd op de volgende frequenties: 954, 963,
1169, 1187, 1314 en 1368 kHz. In eerste instantie ontkende de
Carolineorganisatie dat de testen vanaf de Ross Revenge waren gekomen.
Later vertelde een stafmedewerker:
'De
signalen kwamen wel degelijk vanaf ons schip in Spanje. Ze moesten zo
nodig aan een aantal mensen laten horen dat alles werkte en dat het
schip klaar was.De risico's, om vanuit een haven te gaan zenden, namen
zij voor lief.' De testen werden in, zowat, heel West Europa ontvangen.
Ook de toekomstige deejays van Caroline hoorden de testen met spanning
aan. Voor hen was de tijd eindelijk aangebroken, dat zij achter de
microfoon, in de Caroline studio, konden gaan zitten. Annie had ze
allemaal gebeld en gevraagd beschikbaar te blijven: Johnny Walker,
Johnny Jason, Adrian Horseman, Robin Ross (Rockin Robin), Vincenta, Pat
Sharp, David Simmons, Chris Ryan, Mitch Parker en Jimmy Mc Clenn. Toen
het bijna Pasen was vlogen Chris, Mitch en Vincenta vanuit Amerika naar
Londen en hielden zich gereed voor de tender die hen, binnen een week,
naar de Ross zou brengen.Iederen was er van overtuigd dat het eindelijk
zo ver zou zijn dat Radio Caroline weer in de ether zou komen. Het had
ook maar een haar gescheeld of het was werkelijkheid geworden.
De deejays zouden, wanneer ze eenmaal in de studio aan het werk waren,
uit moeten kunnen kijken over de zee. Voor dit doel was de studioruimte
op het achterdek gebouwd, in wat voorheen een verplaatsbare
kantoorruimte was geweest - een zogenaamde. Portakabin. Ondanks alle
bezwaren, die Chicago tegen die 'bult' op het achterdek had, wist Ronan
het door te zetten. Men had echter de fout gemaakt een gewone, metalen,
Kabin te kopen in plaats van een uit aluminium. De enorme uitstraling
van de 50 kW zender, via de mast, zou op de apparatuur in de studio gaan
inwerken, waardoor een hevige storing en ontregeling van alle
elektronica het gevolg zou zijn. Om dit te voorkomen was de gehele
ruimte aan de buitenkant omkleed met fijn gaas. In het 'kippenhok' waren
twee studio's gebouwd, een productie- en een 'on-air' studio. Chicago
echter, had toen al te verstaan gegeven dat Ronan in eerste instantie
wel z'n zijn had gekregen, maar dat hij uiteindelijk zou zegevieren:
'Wat er ook gebeurd, die studio's zijn binnen in het schip gebouwd
voordat we in de lucht zijn', had hij tegen de constructeurs gezegd, die
op de scheepswerf de leiding hadden over de gehele verbouwing van de
Ross Revenge.’ Hij en zijn compagnons op het toekomstige zendschip
hadden nog volop tijd hieraan te werken daar het nog tot augustus 1983
zou duren alvorens het zendschip daadwerkelijk in West Europese
internationale wateren voor anker zou gaan.
